Laat Bambi liggen!

Op 10 mei werd dit door een hond aangevallen reekalfje naar wildopvang De Fügelpits in Moddergat, Friesland gebracht.

Van april tot en met juni worden er reekalfjes in ons land geboren. Het hoogtepunt van al die schattige Bambi’s ligt zo’n beetje nu, half mei. Het kan dus goed zijn dat je er eentje tegenkomt, verscholen liggend in de bosrand of in een weiland. Reeën zijn supergoed in het verstoppen, maar ze zijn overal waar wij mensen ook recreëren. Ze zijn zo aaibaar dat je bijna zou vergeten dat het wilde dieren zijn. En dat is nu precies het punt: elk jaar worden er reekalfjes door mensen ‘gered’ en die komen, vaak via Stichting Reeënopvang Nederland, in een bij de stichting aangesloten wildopvangcentrum terecht. Die kalfjes zijn meestal nodeloos van hun plek en hun moeder weggehaald. Wat mensen zien, is iets anders dan wat er werkelijk aan de hand is. Passanten zien een opgekruld reekalfje helemaal alleen liggen en denken dat er iets mis is. Maar de moeder – de reegeit – is vlakbij maar die kan je niet zien. Soms roept het reekalfje ook nog om zijn moeder, dat geschrei heet ‘fiepen’ en klinkt ook als een huilend gepiep. Voor mensen zonder kennis is het vanzelfsprekend om die kleine Bambi te gaan helpen en mee te nemen… Maar de waarschuwing van Stichting Reeënopvang Nederland is nu juist: ‘Laat ze met rust!’ en vooral ook ‘Raak ze niet aan!’. Reekalfjes worden zonder geur geboren, een oplossing van moeder natuur om geen roofdieren op het spoor te brengen. Maar als een mens eenmaal een kalf heeft geaaid of vastgepakt, dan accepteert de reegeit haar kalf niet meer!

Een nog grotere tragedie is wanneer een reekalfje wordt gevonden door een loslopende hond. Bijna iedere hondenbezitter zal zeggen dat zijn of haar hond dat nooit zal doen. Beetje rennen achter konijnen of katten, maar verder geen jachtinstinct zeggen ze dan. Onze ervaring is anders. En met ‘onze’ bedoel ik de wildopvangcentra  – en boswachters én terreinbeheerders én dierenambulance en politie. Het komt per jaar talloos veel malen voor dat een hond een reekalfje grijpt. Eergisteren nog in Friesland, een piepklein kalfje van nog geen drie dagen oud, in de nek gepakt en versleept door een loslopende hond. Het reetje is met verwondingen overgebracht naar wildopvangcentrum de Fügelpits in Friesland, waar deze de beste zorg zal krijgen, maar onduidelijk is of het diertje de aanslag overleeft. 

Maak niet dezelfde fout: laat de Bambi’s liggen en houdt uw hond aangelijnd, zéker in gebieden waar een aanlijngebod geldt of waar reeën leven. Geloof mij, dit wilt u niet op uw geweten hebben…

P.S. Bekijk dit prachtige voorlichtingsfilmpje van Stichting Reeënopvang Nederland:

Wat moet je doen als je een wolf tegenkomt?

Deze week was er weer groot nieuws, er is weer een wolf gezien, dit maal op het eiland Tholen. Dit is voor de eerste keer dat er in Zeeland een wolf is gesignaleerd. De zwervende wolf kwam uit Brabant. Een zwervende wolf, die (nog) geen vaste roedel heeft, kan wel tot 70 km per dag lopen. Ze zijn dan op zoek naar een geschikt leefgebied waar genoeg wild is om te eten, genoeg beschutting om zich te verstoppen voor de mens en waar het mogelijk is om met een partner jongen te krijgen. Zeeland is daar ongeschikt voor, het landschap is veel te open en er is weinig wild. De wolf zwom deze week dan ook spoorslags terug naar Brabant. Waar hij nu is, is onbekend.

De wolf is in 2015 voor het eerst in Nederland gespot, hij kwam uit Duitsland overgelopen. In Duitsland is de wolf sinds 2000 al terug gekomen. In 2019 vestigde de wolf zich met partner op de Veluwe en stichtte een roedel door welpen te krijgen. 150 jaar geleden was de wolf in Nederland uitgestorven door voortdurende heksenjacht op het dier. Nu is de wolf terug. De wolf is al in 10 van 12 provincies in Nederland gezien en kan zelfs via de Markerdijk naar Noord-Holland komen! Het zal steeds vaker voorkomen dat we een wolf in het landschap tegen kunnen komen en de kans op een ontmoeting is daarom theoretisch groter. Wolven zijn echter zeer schuw en het is een voorrecht om er een tegen te komen.

Maar wat moet je doen? Wolven zijn groot, veel groter en zwaarder dan een herdershond. En hoewel de meeste wolven bij een ontmoeting met de mens zullen vluchten, kan een jong volwassen wolf, zeg puber, nog weleens nieuwsgierig blijven staan kijken bij een onverwachte ontmoeting met mensen. Wat moet je dan doen? Best een goede vraag. Blijf dan staan en loop een stukje achteruit en sla een ander pad in. Komt de wolf dichterbij, maak je dan groot, zwaai met je armen, en praat luid, de wolf zal dan het hazenpad kiezen.

Kijk onderstaand voorlichtingsfilmpje van de Provincie Gelderland en je weet precies wat je kan verwachten en moet doen. Hou in elk geval je hond aan de lijn in gebieden waar de wolf voorkomt. Mensen zal een wolf niet aanvallen maar een loslopende hond kan de wolf als concurrent zien en deze proberen te verjagen. Bij een confrontatie tussen hond en wolf kan het slecht aflopen voor de hond. Heb respect voor rust- en natuurgebieden waar een aanlijnplicht voor honden geldt. Dat is niet alleen belangrijk voor het wild wat er zit dat uw hond kan gaan opjagen, maar ook voor het zeldzame, maar niet ondenkbare scenario dat uw loslopende hond een wolf tegenkomt.

Help in het wild levende dieren de winter door!

RUST

Het is prachtig om te zien al dat sneeuw en ijs, maar voor in het wild levende dieren is het nu zaak om te overleven: kou kost veel energie en voedsel is moeilijk te vinden. Wat kun jij voor ze doen? Het zal je misschien verbazen maar het beste wat je kunt doen is in de meeste gevallen niets. De meeste dieren in het wild zijn namelijk het allermeest gebaat met rust. Verstoring kost namelijk veel energie en geeft ook stress dat de afweer tegen allerhande ziekten weer verlaagt. Struin daarom niet door de bossen, maar blijf op voetpaden en houd je hond aan de lijn. Ook in parken en polders: zorg dat je daar de watervogels of hazen niet verstoort.

WANNEER WEL HELPEN?

Grosso modo kan je het best dieren in de natuur met rust laten, maar dieren die in je eigen leefomgeving leven kun je best een handje helpen. Is dit een waterdichte scheiding? Nee. Maar Wildopvang.nl is van mening dat ‘stadsnatuurdieren‘ in het kielzog van de mens zijn gaan leven en dat je ze daarom ook kunt helpen wanneer dat nodig is. We zijn immers buren. Let wel: voer veilig en niet te veel. Veilig wil zeggen dat je bijvoorbeeld niet voert daar waar er geen uitwijkmogelijkheden zijn voor jagende katten, voer bijvoorbeeld op een voertafel of strooi voer dicht bij de heg of struikjes. Voer op diverse plekken in je tuin, maak van het gazon geen slagveld. Diverse vogels maken herrie om voer en dat kost energie, zorg daarom dat er meerdere voerplekken zijn. Voer, ten slotte, ook niet te veel. Maak ook regelmatig voederplankjes en vogelhuisjes en voersilo’s schoon. Er zijn diverse besmettelijke vogelziekten, zoals vogelpokken, die aantoonbaar verspreid worden door het gebruik van voerplaatsen. Water aanbieden is een optie wanneer er geen sneeuw ligt. Maak je niet druk om dat vogels gaan badderen. Ze doen dit om hun verenpak optimaal schoon te houden en zo geïsoleerd te blijven. Doe in geen geval suiker of zout door het water! Dat kan weliswaar ijsvorming vertragen, maar geen vogel overleeft na een suikerwaterbad en zout is slecht voor vogels. Indien er sneeuw ligt, zoals nu, is extra water geven overbodig. Sneeuw happen en sneeuwbadderen is een prima alternatief.

WATERVOGELS

Watervogels kun je bijvoeren met aanhoudende vorst en vooral sneeuw. Doe dat met liefst graan, watervogelpellets of gesneden andijvie. Brood – in grote hoeveelheden – is niet goed voor watervogels en zeker niet voor de waterkwaliteit, maar met aanhoudende strenge vorst en vooral sneeuw, willen we dat best door de vingers zien. 🙂

Denkt u dat er een vogel vastgevroren zit in een wak, bel dan niet meteen de dierenambulance, maar strooi wat voer op de waterkant. Grote kans dat de zogenaamd vastgevroren eend of zwaan opstaat en zich naar het voer beweegt. Veel watervogels blijven liever in de buurt van het water dan op de onveilige wal en bovendien houden ze zich warm door zichzelf zo compact mogelijk te maken.

EGELS

Egels zijn, als het goed is, nu in winterslaap. Dat is geen sinecure: egels verliezen gemiddeld 30% van hun lichaamsgewicht. Heb je een egel in de tuin, laat deze dan vooral met rust. Wordt het weer ineens heel zacht, dan kun je overwegen om weer wat voer en water neer te zetten. Egels slapen namelijk geen continue winterslaap, maar worden soms ook wakker. U kunt kattenvoer, brok of blik, maar ook kant en klaar egelvoer het hele jaar neerzetten maar vlak voor de winterslaap (september-november) en vlak na de winterslaap (maart-april) staat het bijvoeren gelijk aan levens redden.

TUINVOGELS

Wil je weten hoe je de vogels in je tuin bij kunt voeren? Kijk dan op de website van de Vogelbescherming. Daar staan echt de beste tips, niet alleen wát je kunt voeren maar ook hóe je het beste kunt voeren, want elke soort vogel heeft zijn voorkeur.

Je kunt natuurlijk ook zelf vogelvoer maken: slingers van doppinda’s en vetbollen. Je maakt een vetbol heel gemakkelijk zelf, zie de tips van DierenLot.

Noord-Hollandse wildopvangcentra luiden de noodklok: corona-crisis brengt ons in de problemen

Twaalf Noord-Hollandse wildopvangcentra hebben bij de provincie aangeklopt om extra geld in verband met de corona crisis. Naar schatting is gemiddeld zo’n 20% van de jaarlijkse inkomsten weggevallen en juist in deze periode van het jaar zijn de kosten hoger.

Gansje in een wildopvangcentrum
foto: Wildopvang.nl

De inkomsten zijn teruggevallen omdat evenementen zijn afgelast, waardoor de opvangcentra daar geen donaties kunnen ophalen. De huis- aan-huis collecte kan in de 1,5 meter samenleving geen doorgang hebben en dat zal waarschijnlijk nog lang zo blijven. De Open Dagen in de wildopvangcentra zijn geannuleerd evenals rondleidingen en lezingen. De passanten die een gewond of verweesd dier brengen mogen niet verder dan het toegangshek en zijn daarom ook minder geneigd tot een gift.

De corona crisis valt midden in het hoogseizoen voor de opvang van natuurdieren. Juist in het voorjaar zijn er extra veel dieren in de opvang die hulp nodig hebben. Hierdoor zijn de kosten voor exploitatie in deze periode een stuk hoger dan de rest van het jaar. En door het wegvallen van stagiaires en vaak kwetsbare vrijwilligers, zijn er in deze drukke tijd nog meer ingehuurde medewerkers nodig. Deze extra arbeidskosten drukken zwaar op het budget. Kortom, er zijn grote zorgen over het voortbestaan van de wildopvangcentra.

Waarom kloppen wij aan bij de Provincie Noord-Holland?

De provincie gaat over natuur in de regio en de dertien wildopvangcentra in de provincie dragen daar toe bij. Daarnaast is het feit dat in 2017 de hele taak met betrekking tot de ontheffingen voor wildopvangcentra om wilde dieren op te vangen, te verzorgen en weer uit te zetten – inclusief de controle daarop van de rijksoverheid – aan de provincie is overgedragen. Gelukkig heeft de Provinciale Staten erkend dat zij hier ook financieel een rol in spelen door eenmalig in het coalitieakkoord verankerd twee ton te reserveren over de komende vier jaar. Een grote stap vooruit, ook al gaat dat geld niet rechtstreeks naar de wildopvangcentra, maar zal dat worden gebruikt voor een gezamenlijk nader te bepalen project waar wildopvangcentra of hun doelstelling zoals publieksvoorlichting, baat bij hebben. Deze reservering biedt dan ook geen soelaas en zeker niet aan de acute geld problemen die wildopvangcentra nu ervaren door de corona crises.

Inspraak

Gisteren, 8 juni, hebben de wildopvangcentra bij de commissie Landbouw, Natuur en Gezondheid van de provincie Noord-Holland ingesproken en hun bijdrage werd goed ontvangen. De twaalf wildopvangcentra die vertegenwoordigd werden door Stichting DierenLot en Wildopvang.nl pleitten voor te worden erkend als ‘maatschappelijk relevante organisaties’. De provincie Noord-Holland heeft namelijk twee fondsen in het leven geroepen om de gevolgen van de coronacrisis in Noord-Holland te bestrijden. Er is 10 miljoen euro uitgetrokken voor culturele en maatschappelijke organisaties. Die zijn bedoeld om dat soort organisaties op korte termijn te steunen zodat ze niet omvallen. Het verzoek van de 12 wildopvangcentra is daarom eenvoudig: “beschouw wildopvangcentra als relevante maatschappelijke organisaties en zorg dat een deel van dit fonds bij de wildopvangcentra terecht komt.”

Politieke vervolgstappen

In de Provinciale Statenvergadering van 29 juni komt dit verzoek aan de orde. Statenlid Ines Kostic (De Partij voor de Dieren) broedt op een motie of een amendement bij de kadernota. Er lijkt bij een groot deel van de Statenleden sympathie voor de wildopvangcentra te bestaan.